Pagina's

woensdag 28 november 2007

Correspondancier



Wij zijnz oblaat te melden dat het officiële orgaan van de Collège de 'Pataphysique, de fonkelnieuwe 'Correspondancier' nr 1 een klein stukje publiceerde van onze Apostatische Heresiarch (uiteraard onder een schuilnaam).



Het betreft een apologetiek van Robert Anton Wilson, antigourou en mentor in ethernitas van schrijver dezes, een der meest vooraanstaande Ornaten binnen het Kapittel, en die de schijn heeft geuit om te sterven verleden 14 décervelage 134 e.p. (11 januari 2007 vulg.)
Als uitvinder van de patapsychologie mag hij best herinnerd worden binnen de sfeer der Imaginaire Oplossingen. Doch zijn interesses omvatten een veel bredere waaier. De oorspronkelijke tekst die opgestuurd werd was dan ook iets langer. De vertaalde Engelstalige tekst kunt u online lezen in het naslagmagazine Maybe Logic Quarterly nr. 10 onder de titel "Patapsychology and Maybe Logic - the dubious ascend of Mount Wilson".
Enkel de laatste zin in bovenvermelde Correspondancier komt van de pen van iemand anders, moge Faustroll die vergeven de uitdrukking 'guru américain' te gebruiken.




de Apocalyptische Nuntius

maandag 26 november 2007

Ex Nihil Omnia Creata


Monera en het oeuvre van Gerard Van Lankveld

Enkel rekening houdend met de eerste indruk zou men zijn werk kunnen vergelijken met dat van Panamarenko. Even ongebonden, vrij van het alledaagse oordeel. Enkel de eigen obsessie telt. Maar voor Gerard van Lankveld zijn gallerijen en overzichtstentoonstellingen in het buitenland pas een vrij recente toevoeging. Hij bouwde zijn coccon van verhalen, allegoriën en machines in de eerste plaats om zichzelf te behoeden. Zijn drijfveer ontstond uit zelbescherming. Ermee naar buiten komen gebeurt pas in mondjesmaat, onder andere op aandringen van het excellente Museum Dr. Guislain in Gent, dewelke een zeer keurige monografie van zijn werk publiceerde inclusief DVD met een documentaire. Een aantal van zijn werken zijn trouwens te bewonderen in de magische vleugel van de permanente collectie.

Van Lankveld bouwt zo zijn eigen feestje. Demiurg van Monera, zijn keizerrijk én hoogste rijkdom, een tessaract van anecdotes, veldslagen, schaalmonumenten, en zoals gezegd machines. Celibataire machines zoals het hoort, want Monera kent slechts één inwoner van vlees en bloed. Alles werd gemaakt met een toppunt van liefde voor detail.

Als een nazaat van Tubalcain, vader van alle metaalbewerkers, knutselde Van Lankveld een uitgestrekte bonsaïwereld. Zijn Monera. Zijn innerlijk verhaal vertoont zich in de holte van zijn artefacten. Zijn rijkdom, zo diep als de zee van zijn geesteswereld en zijn kunde om er vorm aan te geven.


Ze noemden het psychiatrie. Een meetinstrument voor outsiders, rauwe kunst, scheppers van werelden. Hoe kan je het ene universum vatten met de instrumenten van het andere? Psychiatrie als de bril der onschuld, voor wie (nog) niet kan dromen van de overhersende scheppingsdrang. Het woord 'obsessie' voor een ander gebruiken als excuus voor het eigen passief waken. Gelukkig krijgt de term psychiatrie bij Guislain een zekere ambivalentie. Steeds staat het werk zelf, het zweet van de kunstenaar, op de voorgrond, en de motieven die ertoe leiden worden vaak getoond als universeel.
Waarom iemand iets maakt blijft uiteindelijk een privé-aangelegenheid. Wat en hoe het gemaakt is kan al dan niet andermans snaren bespelen. Voor Van Lankveld blijkt dit aardig te lukken, te zien aan de vele reacties. Doch opnieuw: hij werkt voor zichzelf. Dat er nu stukken in een museum staat zal hem waarschijnlijk koud laten, of meer nog - misschien maakt het hem een ironische indruk.

De grootste groep machines die Van Lankveld bouwt zijn klokken, vaak in een Russisch-orthodoxe stijl. Zo wordt niet enkel de imaginaire ruimte beheerst, maar ook de imaginaire tijd. De immense (280 cm) Horlogium Imperiale kreeg een prachtig gedicht van Rutger Copland. De klok vertoont een complexe cosmologie met een veertienkoppige symbolenstelsel (een zodiak eigen aan Monera?). Maar het is niet doordat de wijzers niet draaien dat het werk niet werkt. Het gedicht van Copland eindigt met
"in dit instrument wordt tijd geschapen
uit het niets"

De functionaliteit zetelt in de Etherniteit waar de 'patafysica zegeviert: de tijd wordt geschapen in en door de taal van de kunstenaar. Laat de beschouwer zijn fantasie op volle toeren werken. Dat is het minste wat men mag bieden, nadat Van Lankveld ontelbare manuren in de uitvoering van zijn wereld heeft gestoken.

Wie op zijn emoties getest wordt kan mirakels volbrengen. Gerard Van Lankveld werd ogenschijnlijk veelvuldig getest. De blauwdruk voor zijn keizerrijk startte in 1960, onder druk van onbegrip en pesterij van zijn omgeving. In 1967 werd het land van Macropedius (zoals Van Lankveld zichzelf toen noemde, naar naamgenoot humanist Joris van Lanckvelt 1487-1558) onafhankelijk verklaard, en werd meteen officieel in staat van oorlog gesteld - een situatie die op heden nog niet opgelost is. In 1968 werd de vlag ingehuldigd: rood voor de oorlog, wit voor hoop en groen voor vrede.

De naam Monera kwam er pas in 1976. De geschiedschrijving van het keizerrijk gaf voor elk jaar een benaming die overeenkwam met Van Lankvelds beleving. Er waren jaren van oorlog, van apathie, van vrede, van groei en van ontgoocheling. Hiertoe vond hij zijn eigen taal uit, ook Monera genoemd, gebaseerd op het Latijns. Zodoende toont Van Lankveld dat hij zich niet enkel onderdrukt voelt door de strukturen en waarden van zijn omgeving maar tevens door diens taal: "Het Nederlands is zo zakelijk en uitgedroogd".

Het lijkt nu almaar beter te gaan met Gerard Van Lankveld. Als erkend kunstenaar kan hij de grenzen van zijn rijk ook buiten zijn gedachten om verkennen. Tijdens een reis naar Praag benoemde hij iedereen rond hem tot minister van het een of het ander. Een van die ministers startte zijn weblog.

Veertig jaar nadat zijn leeftijdsgenoten hem gek verklaarden is zijn astronomisch uurwerk een van de voornaamste bezienswaardigheden in het stadhuis van zijn geboortedorp Gemert (N-Brabant, Nederland). Onlangs werd in Gemert ook de "Klaïda" ingehuldigt, een poort rijk van symbolische versieringen.


"Monera Carkos Vlado", uitgegeven door Museum Dr Guislain, Gent, 2005. Het museum is virtueel gelegen op www.museumdrguislain.be en avirtueel te Guislainstraat 43 te Gent.
Een fimpje is te zien op Visual Antics.

De Apologische Eparch, 24 As 135 E.P.